Deel 4 van 4: Ebern, Hofheim en Steinau
Tekst en foto’s: Miet Waes
Tien bijzondere stadjes langs de Duitse Vakwerkroute
De Deutsche Fachwerkstraße slingert door een groot deel van Duitsland en verbindt honderden historische plaatsen waar vakwerkarchitectuur het straatbeeld bepaalt. Onderweg ontdekten we dat de charme van de Vakwerkroute niet alleen in de prachtige vakwerkhuizen zit. Ook sfeervolle pleinen, oude stadspoorten, gezellige terrassen, rivieren en wijngaarden maken van deze route een heerlijke roadtrip. Wij nemen je mee langs tien bijzondere stadjes: Freudenberg, Herborn, Idstein, Miltenberg, Ochsenfurt, Marktbreit, Zeil am Main, Ebern, Hofheim en Steinau.
Tijdens een eerste trip verkenden we Freudenberg, Herborn en Idstein, zie: https://recreatie.site/op-roadtrip-langs-de-duitse-vakwerkroute/
Nadien zetten we onze ontdekkingstocht verder naar Miltenberg en Ochsenfurt, zie https://recreatie.site/op-roadtrip-langs-de-duitse-vakwerkroute-deel-2/
In deel drie verkenden we Marktbreit en Zeil am Main, zie https://recreatie.site/op-roadtrip-langs-de-duitse-vakwerkroute-deel-3/
In dit vierde en laatste deel zetten we onze ontdekkingstocht voort naar Ebern, Hofheim en Steinau.
Ebern: een klein stadje vol grote verhalen
Wie Ebern binnenrijdt, rijdt zo de geschiedenis in. Vakwerkhuizen, oude torens en een historische binnenstad maken meteen duidelijk dat hier eeuwen geschiedenis in het straatbeeld zitten. Maar eerlijk is eerlijk: na drie delen van onze tocht over de Duitse Vakwerkroute hebben we inmiddels heel wat vakwerk gezien. Tijd dus om verder te kijken dan de fraaie gevels. Wat maakt Ebern écht bijzonder?
Bij het Heimatmuseum staat onze gids al op ons te wachten. Onder haar arm: twee dikke boeken over vakwerkhuizen. Lief bedoeld, maar die mogen voorlopig dicht blijven. Vandaag willen we geen uitleg over balken, stijlen en constructies. We willen weten wat er achter die gevels gebeurde. Welke plekken vertellen het verhaal van Ebern? Welke details zouden we als bezoeker zomaar missen? Onze gids weet precies waar we moeten kijken. En al snel blijkt: Ebern heeft veel meer te vertellen dan alleen het verhaal van zijn vakwerk.
Het oude Rathaus is meer dan een mooie gevel

We beginnen bij het historische Rathaus, een van de blikvangers van Ebern. Het renaissancegebouw dateert uit 1604 en trekt meteen de aandacht met zijn rijk versierde vakwerkgevel. Maar onze gids wil dat we vooral onder die gevel kijken. Het onderste deel van het Rathaus was vroeger namelijk een open markthal. Via vier grote rondbogen liepen kooplieden en inwoners naar binnen. Boven die bogen staan nog altijd wapens en namen van mensen die hun stempel op de stad drukten: onder anderen de burgemeesters Nicolas Betz en Hans Schmid en de Würzburgse vorstbisschop Julius Echter. Dan valt ons oog op één woord: Keller. Geen kelder zoals wij die kennen, maar de titel van een bestuurder die verantwoordelijk was voor inkomsten en voorraden. Een klein woord op een oude gevel, maar ineens krijgen we een inkijkje in hoe Ebern eeuwen geleden werd bestuurd.

Binnen blijkt de oude markthal nog altijd een ontmoetingsplek. De Rathaushalle wordt gebruikt voor bijeenkomsten en festiviteiten, net als de binnenplaats. De functie veranderde, maar de rol bleef: het Rathaus is nog altijd een plek waar Ebern samenkomt. Dan wijst onze gids omhoog: een klein klokkentorentje uit 1835. Je zou er gemakkelijk overheen kijken. Precies zo’n detail dat je zonder gids waarschijnlijk mist.
Ebern en zijn merkwaardige ‘kegelspel’
Een van de leukste ontdekkingen tijdens onze wandeling is het Eberner Kegelspiel. Geen bowlingbaan, maar zes historische torens rond de oude binnenstad. Vanuit de juiste hoek zie je meteen waar de naam vandaan komt: samen lijken de torens op een reusachtig kegelspel, met de kerktoren als centrale ‘kegel’.

De torens zijn overblijfselen van de middeleeuwse stadsverdediging. Van de oorspronkelijke reeks zijn er vandaag nog zes over: de Grauturm, Gänseturm, Diebsturm, Storchenturm, Pfarrgartenturm en de toren van de stadskerk. Andere verdwenen in de negentiende eeuw. Wat ooit een serieuze verdedigingslinie was, is nu een opvallend en bijna speels onderdeel van het stadsbeeld.
De Grauturm: dé plek voor het uitzicht

De Grauturm is hét herkenningspunt van Ebern. Met zijn 41,4 meter is het een van de hoogste middeleeuwse poorttorens van Beieren. De bouw begon rond 1480 en later kwamen er nog twee verdiepingen bij. Via de oude kamer van de torenwachter, de Türmerstube, kunnen bezoekers naar boven. Het uitzicht is prachtig, maar boven wacht nog een andere verrassing: het klokkenspel ‘Engel und Tod’, dat sinds de restauratie weer op de kwartieren en hele uren klinkt. Maar de Grauturm was natuurlijk nooit alleen een mooi uitzichtpunt. Ebern lag aan een belangrijke handelsroute en was stevig versterkt. Zodra ’s avonds de poort dichtging, moesten reizigers die te laat waren voor een overnachting buiten de stadsmuren blijven. De zuidelijke voorstad kreeg daardoor de veelzeggende bijnaam Klein-Nürnberg. En plotseling kijk je anders naar de toren. Geen monument alleen, maar een stadspoort waar eeuwen geleden kooplieden voor de gesloten poort stonden te wachten, terwijl boven hen de wachters de omgeving scherp in de gaten hielden.
Het Diebsturm en de donkere kant van de stad
Niet alle verhalen van Ebern zijn even gezellig. Aan de zuidoostkant van de oude stad staat de Diebsturm. De naam verraadt al iets van zijn verleden. De toren deed tot 1811 dienst als gevangenis. Zware misdadigers werden via een opening met touwen ruim vijf meter naar beneden gelaten, naar een kleine, vrijwel volledig donkere kerker. Opvallend genoeg had datzelfde onderste deel ooit een heel andere functie: hier bevond zich een markthal. Handel en gevangenschap onder één dak. Dat contrast typeert Ebern. Achter de fraaie gevels schuilt vaak een ander verhaal. Onze twee dikke boeken over vakwerkhuizen hebben we dan ook nauwelijks nodig gehad. De interessantste verhalen van Ebern staan niet alleen in de gevels, maar zitten in de details, de gebouwen en vooral in de verhalen erachter.
Rustig kuieren en uitrusten in Hofheim
Na Ebern trekken we verder naar Hofheim, waar we ook blijven overnachten. Geen gids deze keer, geen lijstje met must-sees. We trekken gewoon zelf de stad in. Hofheim voelt meteen anders: kleinschalig, rustig en zonder grote monumenten die alle aandacht opeisen. Al zijn ook hier de vakwerkhuizen nooit ver weg.

Voor de nacht hebben we de Fränkischer Hof uitgekozen. Het hotel heeft duidelijk al wat jaren op de teller en ademt een ouderwetse sfeer. We worden hartelijk ontvangen door een vriendelijke Poolse gastheer, die de zaak op dat moment vrijwel alleen lijkt te runnen. Het grote restaurant, goed voor zo’n zeventig gasten en blijkbaar een begrip in de omgeving, is gesloten. Jammer. Tot onze gastheer toch de keuken induikt en voor ons een maaltijd op tafel zet één van de lekkerste van onze roadtrip. Een complete verrassing: Een wat oubollig hotel, een gesloten restaurant en dan plots zo’n heerlijke maaltijd. Precies die onverwachte wendingen maken een roadtrip bijzonder.
Steinau: waar onze roadtrip eindigt

Onze laatste halte is Steinau an der Straße, een rustig stadje waar niemand haast lijkt te hebben en ook hier zijn de vakwerkhuizen nooit ver we. Op een terras genieten enkele oudere dorpsbewoners van hun ochtendkoffie.


Steinau is ook gekend als de Brüder-Grimm-Stadt. Jacob en Wilhelm Grimm brachten hier een belangrijk deel van hun jeugd door. In Schloss Steinau duiken we in hun wereld en bewonderen we de grote Grimm-tentoonstelling.

Natuurlijk beklimmen we ook de 41 meter hoge kasteeltoren. Kwestie van de benen nog één keer fit te houden.

Boven krijgen we een prachtig uitzicht over het stadje en de omgeving.
Pas achteraf ontdekken we dat Steinau ook een Brüder Grimm-Haus heeft: het voormalige Amtshaus waar de familie Grimm van 1791 tot 1796 woonde. Hadden we dat geweten, dan waren we er natuurlijk binnengestapt. Een kleine gemiste kans, dus. Maar misschien ook een mooie reden om terug te komen. Steinau ligt namelijk op de Duitse Sprookjesroute, die de sporen van de gebroeders Grimm volgt van Hanau tot Bremen. De route werd bovendien in 1975 in Steinau opgericht. Misschien een idee voor een volgende reportage.
Praktische informatie
Algemeen
www.deutsche-fachwerkstrasse.de
Eten en drinken
Fränkischer Hof
http://www.fraenkischer-hof-hofheim.de/

